Lees het in uw eigen krant. LEES DE WAARHEID DeWaarheid.nu
VOLKSEDITIE VOOR NEDERLAND
VCP.nu

HOME

DutchEnglishFrenchGermanItalianPortugueseRussianSpanish


Iets geleerd van de PGB-chaos?

Van de redactie

Jetta Klijnsma en Martin van Rijn9 juni 2015 - De storm is geluwd, tijd voor reflectie. Wat hebben wij geleerd van het PGB-debacle? Die vraag dient nu alvast beantwoord te worden. De parlementaire enquête zal immers nog heel lang op zich laten wachten.

Het Persoonsgebonden Budget (PGB) werd in het leven geroepen om mensen die zorg nodig hebben zelf de regie te laten voeren over de zorg. Er werd vastgesteld hoeveel zorg nodig was en daar stond dan een budget tegenover dat de zorgbehoevende zelf mocht beheren. Dat leek een mooi liberaal systeem en het was dan ook niet voor niets dat het uit de toen nog liberale VVD-koker kwam.

Maar mensen en geld, veel geld, is geen gelukkige combinatie. Het PGB kwam al snel in een kwaad daglicht te staan. Opeens kende iedereen wel iemand die van het 'gratis' geld voortdurend op vakantie ging, een enorme televisie kocht en meer van dat fraais. Dat de zogenoemde budgethouders de uitgaven nauwkeurig dienden bij te houden werd voor het gemak maar even vergeten. Ook werd vergeten dat niet iedereen heel goed kan boekhouden zodat er hier en daar met de administratieve pet naar werd gegooid.

Daar was in het neoliberale Nederland natuurlijk wel een oplossing voor: particuliere bureautjes die de administratie en het PGB-budget tegen een redelijke vergoeding konden beheren. Dat werd een puinhoop. Zoals gesteld, mensen en veel geld is een ongelukkige combinatie. Fraude lag niet alleen op de loer maar sloeg ook keihard toe. Budgethouders werden opgelicht waar ze bij zaten of lagen. Hun zorgbudgetten verdwenen soms grotendeels in de bodemloze zakken van PGB-cowboys. Naar schatting ging het om een bedrag rond 6 miljoen euro. Dat is veel geld, maar ook weer niet zoveel om heel groot alarm te slaan.

Toch kwam dat grote alarm er. Wekelijks verschenen berichten in de pers over frauderende PGB'ers. Het ging dan meestal om frauderende bureautjes, maar ja.

Het fraude-ei was weer gelegd, de Kamer geschokt en het volk boos. Er moest ingegrepen worden en wel zo keihard mogelijk. Wat dachten die invaliden eigenlijk wel? Een beetje Koning Kaskoeskielewan spelen van onze belastingcenten. Dat de budgethouders die het slachtoffer werden van malafide bureautjes en levenslang achtervolgd zullen worden door een schuldeisende overheid werd gemakshalve even vergeten. Budgethouders zijn immers verantwoordelijk voor de juiste besteding van hun budgetten. De PGB-criminelen ontspringen dikwijls de dans en bereiden zich voor op het nieuwe nakende werkterrein, de schuldhulpsanering. De overheid zal weer goedkeurend toekijken hoe schuldenaren tot wanhoop en wellicht wanhoopsdaden gedreven zullen worden.

Onder grote druk van de volksvertegenwoordigers, die er nooit voor terugdeinzen de spreekbuis van de bezorgde onderbuik te zijn, ontstond het 'trekkingsrecht'. Budgethouders moesten hun gespecificeerde zorgdeclaraties indienen, het geld ging rechtstreeks naar de zorgverleners. De Sociale Verzekeringsbank, die al ervaring had met pgb-betalingen uit hoofde van de WMO, zou met de uitvoering worden belast. Dit alles per 1 januari 2015, de datum dat ook allerlei andere transities in de zorg effectief werden.

Dat dit in een enorme chaos zou uitmonden was geen verrassing. De waarschuwingen hiervoor waren niet te tellen, maar zoals het de Kamer, het kabinet en de overheid betaamt werden alle waarschuwingen in de wind geslagen. Het moest en zou maar eens afgelopen zijn met die frauderende gehandicapten, leve het trekkingsrecht.

Vrijwel nooit gaat een grote verandering van een leien dakje. Vrijwel nooit is een 'vereenvoudiging' ook direct een verbetering, maar in het geval van het trekkingsrecht liep alles uit op een regelrechte ramp. Dankzij de Kamer die deed wat de volkse onderbuik graag wilde, maar ook dankzij de verantwoordelijke staatssecretaris die het voornamelijk druk had met zijn tien vingers aan ontelbare polsen houden.

Was er in januari/februari 2015 nog sprake van opruiende PGB-klagers, althans volgens de Telegraaf, al snel werd duidelijk dat tienduizenden zorgverleners de dupe waren van de haastige spoed die werd betracht. De verantwoordelijke staatssecretaris hield voet bij stuk. Het ging nog niet helemaal zoals het zou moeten, maar het juiste pad was gevonden en de problemen met de uitbetalingen zouden spoedig tot het verleden behoren. Dat hield staatssecretaris Martin van Rijn gedurende vijf (5!) plenaire debatten met de Kamer stug vol.

Een andere staatssecretaris, Jetta Klijnsma, was minstens zo verantwoordelijk voor de ontstane puinhoop. Haar Sociale Verzekeringsbank (SVB) kon, zoals vaak genoeg voorspeld, het werk eenvoudigweg niet aan en als de spreekwoordelijke kat in het nauw maakte de SVB wel heel erg rare sprongen.

Inmiddels had Van Rijn moties van wantrouwen met groot gemak overleefd. De mare ging dat hij uitermate geschikt zou zijn om de door zijn steenezelgedrag ontstane puinhoop naar behoren op te lossen. Dat werd een frame. Staatssecretaris Martin van Rijn is de enige in Nederland die de PGB-chaos met succes te lijf kan gaan. Dat hij keer op keer de Kamer onvolledig en soms zelfs onjuist informeerde deed er weinig toe. Dat hij doof en blind was voor alle waarschuwingen die niet door de minsten werden geuit was ook niet van belang. Dat Martin van Rijn zich door zijn PvdA-collega staatssecretaris Jetta Klijnsma voor de gek had laten houden met betrekking tot de mogelijkheden van de SVB werd handig verdoezeld.

Zo kon het gebeuren dat het zesde PGB-debat door Van Rijn glansrijk werd gewonnen. Er was weliswaar weer een motie van wantrouwen, maar die kreeg wel erg weinig steun vanuit de Kamer. De Kamer die nog steeds gelooft in de buitenaardse capaciteiten van de staatssecretaris en er geen been in ziet om opportunistische politiek te bedrijven over de ruggen van gehandicapten en hun zorgverleners die met een pakketje loze beloften het bos in worden gestuurd.

De conclusie moet zijn dat de Kamer uit electorale overwegingen heeft overvraagd en dat de zeer capabele staatssecretaris van Rijn niet bestand is gebleken tegen de opportunistische politieke druk die de Kamer hem oplegde waardoor alsnog tienduizenden betalingen ongecontroleerd door de SVB werden verricht. Maar ook de rol van staatssecretaris Klijnsma, verantwoordelijk voor de puinhopen van de SVB is volkomen onterecht onderbelicht gebleven. Zij heeft er blijk van gegeven een loopje te hebben genomen met haar taak en zij bleef in gebreke haar collega Van Rijn tijdig te informeren omtrent de onmogelijkheid voor de SVB om het trekkingsrecht zonder stevige proefperiode feilloos uit te voeren.

Waar met name D66 een potje maakte van het politiek bedrijf, de coalitiepartijen VVD en PvdA volhardden in drogredeneringen en de oppositiepartijen maar weer eens duidelijk maakten vrijwel altijd de politieke crux te missen, blijven de PGB'ers en hun hulpverleners vooralsnog in de kou staan. Bovendien wachten beide betrokken ministeries tal van gerechtelijke procedures en wegen de miljoenen nodeloos gemaakte extra kosten niet op tegen die vermaledijde fraude door schimmige bureautjes.

De Kamer én beide staatssecretarissen waren en zijn niet capabel genoeg deze enorme chaos te voorkomen, laat staan op te lossen. Dat is angstwekkend met nog zoveel problemen als gevolg van het veel te snel en onverantwoord implementeren van de vele ingrijpende veranderingen in de zorg.

 


Share |