Lees het in uw eigen krant. LEES DE WAARHEID DeWaarheid.nu
VOLKSEDITIE VOOR NEDERLAND
VCP.nu

HOME

DutchEnglishFrenchGermanItalianPortugueseRussianSpanish


Rood!
Heilstaatvisioenen uit de Sovjet-Unie 1930-1941

Door Chris Steijvers

23 februari 2016 - Onder bovenstaande titel vindt er momenteel een tentoonstelling plaats in het Museum de Fundatie te Zwolle. Men laat een selectie zien uit een verzameling boeken en tijdschriften die in het bezit is van het Van Abbemuseum in Eindhoven. En dat is vragen om problemen, althans voor de huidige bourgeoisie. "Na de Russische revolutie van 1917 besloten de machthebbers in de nieuwe Sovjet-Unie, de Sovjet-ideologie te presenteren via radicale avant-gardistische ontwerpen, gemaakt door de culturele elite van het land", zo staat er te lezen op de achterflap van het boek dat naar aanleiding van de tentoonstelling geschreven is. En: "De opzienbarende Sovjet-vormgeving uit de jaren dertig groeide uit tot een inspiratiebron voor modernisten over de hele wereld, ook in Nederland". Dat is toch wel moeilijk te verenigen met het beeld van de Sovjet-Unie als staat waar de mensen in onvrijheid en armoede leefden, waar ze met de miljoenen tegelijk werden afgeslacht en de overblijvers in constante doodsangst verkeerden voor het krankzinnige monster Stalin.

Men zoekt de oplossing voor dit dilemma door naast de onverholen bewondering voor de werken steeds maar weer te benadrukken dat de boodschap die door die werken wordt uitgedragen infaam is. Men scheidt vorm en inhoud. Dat kan natuurlijk. Een kunstwerk met een religieus motief kan ook door atheïsten gewaardeerd worden. Maar ten gevolge van deze benadering wordt Rood! een oppervlakkige vertoning. Zo laat een opengeslagen boek een fotocollage zien met onder andere de kop van een stier en een rij kalveren. Weliswaar een mooie collage, maar toch ook niet weer zo bijzonder om er voor naar Zwolle te reizen. Toen het boek werd uitgebracht wilde men echter niet pronken met fotocollages, maar tot uitdrukking brengen dat in de Sovjet-Unie een goed verervende stier via kunstmatige inseminatie meer kalveren voortbrengt dan bij natuurlijke dekking. Op het gebied van kunstmatige inseminatie en het veredelen van landbouwhuisdieren had de Sovjet-Unie een geweldige voorsprong op de rest van de wereld. Dat soort informatie wordt de tentoonstellingsbezoeker onthouden.

Vanuit het standpunt van de bourgeois is dit onthouden van informatie niet meer dan logisch. Het door de constante propaganda van de huidige liberale machthebbers ontstane beeld van de Sovjet-Unie moet overeind blijven. In dat beeld past een achteruitgang van de landbouwproductie en hongerdood. Het begeleidende boek heeft het over "miljoenen landarbeiders (die) werden gedeporteerd of gedood". De "historicus" en "Ruslandexpert" Bezemer (1921-2000) schrijft in zijn standaardwerk over de Russische geschiedenis: "Het nomadenvolk van de Kazachen telde volgens de volkstelling van 1939 nog drie miljoen zielen tegen vier miljoen volgens de volkstelling van 1926. Een aantal schijnt over de grens naar China te zijn ontkomen, maar velen moeten zijn verhongerd als gevolg van een catastrofale inkrimping van hun schapenkudden, van negentien miljoen stuks tot nog geen drie miljoen". Uit de termen "schijnt" en "moeten zijn" blijkt al dat de "historicus" geen keiharde feiten aandraagt. De meest voor de hand liggende verklaring van de bevolkingsafname in Kazachstan, namelijk industrialisatie en trek naar de steden, ontgaat hem blijkbaar. Maar als we er een andere onverdachte bron bijhalen, "Schapenfokkerij en -houderij" uit 1961 van E.J.Bats, oud-ambtenaar bij de Rijksveeteeltvoorlichtingsdienst, krijgt het verhaal van de "historicus" de doodklap. Bats schrijft namelijk: "Vermeldenswaard is, dat in Rusland in 1937 reeds 11.500.000 ooien kunstmatig werden geïnsemineerd. In 1940 heeft men het zelfs zover gebracht, dat van één ram 15.000 ooien werden bevrucht, waarvan 14.944 lammeren werden verkregen."

In de 19e eeuw vond in West-Europa de industriële revolutie plaats. Om die revolutie tot een succes te maken, was het noodzakelijk arbeidskrachten aan de landbouw te onttrekken en die in de fabrieken in te zetten. Dat zou echter de voedselvoorziening in gevaar brengen. Men kon dat alleen maar oplossen door de landbouw te mechaniseren. Met andere woorden, steeds efficiëntere landbouwmachines, door de industrie geproduceerd, werden ingezet om arbeidskrachten uit de landbouw vrij te maken voor de industrie. Een ingewikkeld proces dat, overgelaten aan de vrije markt van de in de 19e eeuw oppermachtige liberale bourgeoisie, bepaald niet vlekkeloos verliep. De arbeidsomstandigheden, zowel in de landbouw als in de industrie, hebben toentertijd talloze mensen het leven gekost. Eind jaren twintig van de 20e eeuw, toen de Sovjet-Unie enigszins van de verwoestende burgeroorlog en de vele buitenlandse interventies hersteld was, trad het eerste vijfjarenplan in werking. Dit had als doel de industriële revolutie, die aan het tsaristische Rusland bijna geheel voorbij was gegaan, in gang te zetten. Ook in de Sovjet-Unie kon dat niet anders dan via het verbeteren van de landbouwproductie. Vandaar de radicale hervorming in de landbouw van keuterboerenbedrijfjes van soms nog geen halve hectare naar grote gemechaniseerde bedrijven. Anders gezegd, van een boerenstand die grotendeels voor zichzelf voedsel produceert en daarbij ook nog vaak crepeert, naar een boerencollectief dat produceert voor het gehele volk. Ook in de Sovjet-Unie verliep deze omschakeling niet vlekkeloos. Tegen boeren die van de situatie misbruik trachtten te maken door graan achter te houden in de hoop op prijsverhogingen, werd hardhandig en vaak veel te hardhandig opgetreden. Dat de vijfjarenplannen echter tot grote hongersnoden hebben geleid waarbij tientallen miljoenen mensen zijn omgekomen, zoals dat in het westen door veel mensen wordt aangenomen, is volslagen nonsens. Als er in de Sovjet-Unie, na de 1e Wereldoorlog, na de burgeroorlog en de daardoor veroorzaakte hongersnood van begin twintiger jaren ergens behoefte aan was, dan was het wel aan arbeidskrachten. Zelfs als de Sovjetleiders miljoenen mensen hadden willen laten doodhongeren, en waarom zouden ze dat willen, dan hadden ze zich dat niet kunnen permitteren.

Met de verandering in de landbouw van kleinschalig familiebedrijf naar grootschalig collectief bedrijf nam de Sovjet-Unie een enorme voorsprong op het Westen. West-Europa zit nu pas in de fase waar de familiebedrijven opgaan in kolossale ondernemingen. Er gaat geen dag voorbij dat in West-Europa geen boerenbedrijven sluiten. De naam Rabobank is samengesteld uit de beginletters van Raiffeisenbank, een protestantse coöperatieve bank voor boeren en tuinders en Boerenleenbank, een katholieke coöperatieve bank voor boeren en tuinders. Voor de huidige boeren staan de letters Rabo echter voor: Ruim Alle Boeren Op! Maar wat een verschil tussen de huidige ontwikkeling in West-Europa, waar de boerenstand wordt opgeheven omdat dit in de kraam van het grootkapitaal te pas komt (de winst van de Rabobank in 2015 bedraagt ruim 2,2 miljard) en de collectivisatie in de Sovjet-Unie, waar het boerenfamiliebedrijf werd opgeheven ten behoeve van de voedselvoorziening van het gehele volk inclusief de boeren.

Inmiddels zijn we ver afgedwaald van de Zwolse tentoonstelling. En dan hebben we er nog maar één onderwerp, de landbouwpolitiek, uitgelicht! Er valt naar aanleiding van deze tentoonstelling nog zo veel meer recht te zetten over de Sovjet-Unie. We laten dat maar rusten.

De samenstellers van de tentoonstelling zijn aanmerkelijk genuanceerder over de positie van de kunstenaars in de Sovjet-Unie. De heersende mening is immers dat kunstuitingen onderdrukt werden. Alleen het socialistisch realisme zou getolereerd worden. Daar wordt wel even aan gerefereerd in het begeleidende boek. "Kunstenaars die niet mee deden aan de opbouw (verheerlijking) van de socialistische staat waren buitenlandse agenten en hun kunst was waardeloos". Maar er wordt ook duidelijk gemaakt dat een groot deel van de kunstenaars vol overtuiging in de socialistisch-realistische stroming aan het werk was.

Overigens roept de aangehaalde passage vragen op. Wat maakt kunst waardeloos? Wanneer wordt een kunstenaar onderdrukt en met welke middelen? De Nederlandse schrijver Gerard Reve schreef eens een gedicht over een kunstenaar die "overdag", voor "het Bestel" (hij schreef dat met opzet met een hoofdletter) abstracte werken schilderde. "Des nachts, in het geheim, schildert hij figuratief". Met andere woorden, volgens Reve werden bepaalde kunstuitingen in de jaren 70 in Nederland onderdrukt. Maar hij relativeert het ook. Wie kunst wil maken kan meestal wel z'n gang gaan. Publieke waardering krijgen is echter iets geheel anders. Maar is een kunstuiting pas waardevol als het publiek er waardering voor opbrengt? Als er een prijskaartje aan komt te hangen? In Nederland brengen werken van beroemde kunstenaars miljoenen op. Maar de kunstsector als geheel wordt uitgeknepen. Als doorsnee kunstenaar heb je in Nederland geen brood op plank.

Dat kunst die niet socialistisch-realistisch was in de Sovjet-Unie voor waardeloos werd versleten, is gewoon niet waar. In de Hermitage in Leningrad waren ten tijde van de Sovjet-Unie talloze kunststromingen vertegenwoordigd. Met de religieuze kunst uit de Russische kerken werd, ook wanneer die kerken ten gevolge van de sterke afname van het kerkbezoek werden afgebroken, uiterst zorgvuldig omgegaan. Veel van deze kunstwerken vonden onderdak in het Tretjakovmuseum in Moskou. Tot op de dag van vandaag herbergt dit museum de grootste iconenverzameling ter wereld.

Wie zich in Museum de Fundatie een paar fikse oogkleppen laat opzetten, kan er een mooie l'art pour l'art beleving hebben. Maar l'art pour l'art is maar één visie op kunst. Wanneer de makers van de tentoonstelling zich niet hadden laten knevelen door de heersende anti-Sovjet-propaganda, had er veel meer in gezeten.

Rood! Heilstaatvisioenen uit de Sovjet-Unie 1930-1941, is tot en met 17 april 2016 te zien. Het begeleidende boek is onder dezelfde titel uitgegeven door Uitgeverij Waanders & De Kunst.


Share |